John Schuursma
'Toen ik een jaar of zes was vroeg ik een gitaar voor mijn verjaardag. Toen wist ik het dus al. En de gitaar was toen geen populair instrument. Accordeon bijvoorbeeld wel. Ik was vastbesloten en bleef er om zeuren, maar er was eenvoudig geen geld. Maar op mijn tiende jaar heb ik er tenslotte toch een gekregen. Ik heb een blauwe maandag op les gezeten. Van twee leraren heb ik les gehad. Onder andere van Henk Koger, dat was een plaatselijke jazzgitarist, die me behoorlijk wat akkoorden heeft bijgebracht.
'Ik ben met anderen begonnen te spelen toen ik 12 jaar was, bij de Conservia's, vier accordeonisten en ik op gitaar. We repeteerden in een kleine huiskamer, vier van die hele grote kerels, als ze uitademden moest ik bukken. Ze waren zo'n beetje het bedrijfsorkest van conservenfabriek Hoogenstraten vlak bij ons huis, en zochten iemand op gitaar. Dat werd ik dus, een broekie van 12, heeft overigens maar een blauwe maandag geduurd.
+++++++++++++++++++++++++
Via mijn broer kwam ik met jazz in aanraking en niet veel later vormde ik met een paar maatjes een jazztrio. Dat zal zo in 1957 zijn geweest. 14, 15 jaar waren we en Fats Domino en The Everly Brothers vond ik ook fantastisch. Django Reinhardt ook natuurlijk, qua sfeer en die waanzinnige techniek. Maar ik was ook al heel vroeg gefascineerd door flamencogitaristen. Volksmuziek überhaupt. Veel muziek uit de Balkan vind ik bijvoorbeeld nog steeds prachtig.'
,,Op mijn zeventiende speelde ik voor Amerikaanse militairen die in Frankrijk gelegerd waren, in het circuit waar destijds ook de Beatles toerden en tot half jaren zestig heb ik zo jazz gespeeld in het commerciële circuit waaronder een halfjaar in Helsinki Finland. Tot ik pianist Rob Hoeke zag spelen in het Badhotel in Zandvoort waar we gelijktijdig optraden. Ik in de bar, met een aantal oudere jazzmuzikanten en gekleed in smoking, Rob samen met broertje Paul en nog een paar vrienden in vrijetijdskleding op een tienerfeest. Een jampartij met hem die avond was zo'n dikke lol, dat we kort daarna samen de Rob Hoeke Rythm and Bluesband hebben opgericht. Een bevrijding was het, ik wist niet hoe snel ik mijn smoking uit moest trekken. Voor het eerst speelde ik voor mijn leeftijdsgenoten.''
John Schuursma maakte furore in 1966 met zijn solo's op de hits Rain, Tears & Misery en Margio met Rob Hoeke's Rhythm & Blues Group om vervolgens op te duiken bij Hans Dulfer, Brainbox en Supersister. Later vormde de aanhanger van de supersnaartheorie jarenlang een duo met Kaz Lux. Hij neemt met zijn unieke lyrische stijl een zeer aparte plaats in onder de Nederlandse gitaristen.
Volgens gitaarreparateur en oude bekende Hans Moust is Schuursma een improviserende popgitarist die niet twee keer dezelfde solo speelt. Een muzikale waaghals, die nooit op routine of clichés te betrappen is, Moust: "John neemt in zijn solo's enorme risico's, maar hij redt zich er altijd briljant uit."
Het onnavolgbare gitaarwerk van Schuursma is niet alleen bij bovenstaande bands te horen geweest. De popgitarist met de attitude van een jazzmuzikant, was verder nog actief bij de jazzrockgroep Third Bye met wie hij drie jaar lang succesvol door Duitsland tourde. Daarnaast was Schuursma geregeld te zien bij de diverse Brainbox-reünies.
Kaz Lux over John: " De eerste keer dat ik hem zag spelen in Hotel de Schuur in Breda midden jaren zestig met Rob Hoeke kreeg ik tranen in mijn ogen. Zijn jazzy aanpak van zoeken, vinden en weer doorzoeken is uniek. Ik luisterde altijd naar popmuziek, maar zoiets had ik nog nooit gehoord. Ik heb hem na het optreden niet gesproken, want dat durfde ik niet. Pas jaren later kwam ik hem weer tegen toen Brainbox een nieuwe gitarist zocht. Toen John bij de band kwam, werden we een hechte vriendenclub. De leukste tijd brak aan. Verder was ik er ook trots op dat mijn vroegere idool bij de band kwam."
Citaten uit ( en met dank aan) Dagblad de Stem, Platenblad en Noord-Hollands Dagblad